Begrippen 

Begrippen

Hieronder worden enkele begrippen uitgelegd, die veel voorkomen bij een hypotheek opstellen

Click een van de begrippen aan voor meer informatie:

 

 

    

Hypotheekakte

De notariële akte waarbij de hypotheek wordt gevestigd

 

Kadaster

Het kadaster verzamelt gegevens over registergoederen in Nederland, houdt deze bij en stelt deze tegen vergoeding beschikbaar. Een hypotheek is pas rechtsgeldig gevestigd als de akte is ingeschreven bij het kadaster. De notaris draagt daar zorg voor. 
Geheel kadastraal perceel/gedeeltelijk kadastraal perceel 
Een geheel kadastraal perceel is een perceel dat door het kadaster uitgemeten is en waarvan de oppervlakte bekend is. 
Een gedeelte van een kadastraal perceel is een gedeelte van een geheel kadastraal perceel, waarvan de oppervlakte nog niet bekend is en waarvan nog uitmeting moet plaatsvinden bij het kadaster. 
Het kan op problemen stuiten om hypotheek te vestigen op een gedeelte van een kadastraal perceel. Het perceel moet dan eerst uitgemeten zijn. 

 

Hypotheekbedingen

Elke hypotheekakte bevat dezelfde systematiek. Zo bevat elke hypotheekakte dezelfde hypotheekbedingen. 
Het betreft de volgende: 

 

Het huurbeding

Zonder toestemming van de bank is het verboden de woning waarop hypotheek is gevestigd aan een ander te verhuren of in gebruik te geven. De reden daarvoor is dat een verhuurd pand via een veiling moeilijk of niet te verkopen kan zijn, omdat de huurder huurbescherming pretendeert. 

 

Het beheersbeding

In het kader van het uitoefenen van het hypotheekrecht kan de bank het pand in beheer nemen. Dit in beheer nemen brengt automatisch ook met zich mee dat het pand ontruimd moet worden. 

 

Het executiebeding

Het meest belangrijke beding is het executiebeding. De bank mag via een executieveiling het pand verkopen, indien cliënt zijn financiële verplichtingen niet nakomt. Dit betekent ook dat de bank de voorwaarden van de veiling vaststelt en de datum van veiling. 

 

Het beding van niet verandering

Zonder toestemming van de bank mag het pand niet worden veranderd van aard of bestemming. U moet daarbij met name denken aan bestemmingsplanwijzigingen. De bedoeling is waardedaling te voorkomen. 

 

Inschrijvingsbedrag

Het inschrijvingsbedrag is het bedrag waarvoor hypotheek wordt gevestigd. Dit inschrijvingsbedrag kan hoger zijn dan het geleende bedrag. Dit komt regelmatig voor. Het voordeel daarvan is, dat indien op een later tijdstip opnieuw een geldlening bij dezelfde bank wordt afgesloten, er geen nieuwe hypotheekakte nodig is. Het scheelt dus notaris- en kadasterkosten. Of u de ruimte tussen het geleende bedrag en het inschrijfbedrag op een later tijdstip kunt benutten, is afhankelijk van uw financiële situatie op het moment dat u de nieuwe financiering aanvraagt. Een verhoogde inschrijving betekent dus niet automatisch dat u deze extra ruimte in de toekomst ook daadwerkelijk kunt benutten.

 

Opslag voor rente en kosten

Naast het inschrijvingsbedrag vermeld elke hypotheekakte ook een opslag voor extra renten en kosten van de bank in het kader van een veiling. Deze opslag ligt globaal tussen de 40% en 60%. Indien de bank tot veiling overgaat wegens wanbetaling kan de bank met deze opslag haar kosten dekken van veiling en achterstallige rente. Deze opslag is dus een begroot bedrag. De bank mag nooit meer dan haar werkelijke kosten aan u in rekening brengen. 

 

Particuliere hypotheek

Een hypotheek hoeft niet altijd bij een bank te worden afgesloten. ook indien particulieren geld van elkaar lenen, kunnen zij het geld dat zij uitgeleend hebben, veilig stellen met een hypotheekrecht. 

 

Overbruggingshypotheek

Een speciale vorm van hypotheek vormt de zogenaamde overbruggingshypotheek.
Deze hypotheek wordt vaak gevestigd als u een nieuw huis heeft gekocht, maar het oude huis nog niet heeft verkocht. De bank wil dan in het kader van de financiering van het nieuwe huis beide huizen als onderpand voor de nieuwe hypotheek.
Het komt zelfs voor dat als uw oude huis al verkocht is, maar nog niet beschreven bij de notaris de bank toch beide huizen, (het oude huis en het nieuwe huis) als onderpand wil.
Het is belangrijk in dat laatste geval contact op te nemen met de notaris die belast is met de levering van uw oude woning. Omdat de overbruggingshypotheek bij de eerste kadastercheck nog niet bekend was bij het kadaster, kan het zijn dat pas bij de tweede kadastercheck door de notaris, enkele uren voor de levering van het oude huis, de overbruggingshypotheek zichtbaar en bekend wordt.
Er zal dan nog door die notaris contact moeten worden gezocht met de bank van de  overbruggingshypotheek. Lukt dit niet, dan kan de levering van het oude huis op dat moment niet doorgaan en moet de levering van het oude huis worden uitgesteld.

 

Toestemming voor 2e hypotheek

Indien u op uw woning een tweede hypotheek wilt vestigen, zal de bank die het eerste hypotheekrecht heeft daar toestemming voor moeten geven.
Houdt u er rekening mee dat dit extra tijd kan kosten.

 

Positieve of negatieve hypotheekverklaring

Het komt voor dat u geld leent aan een ander en dat u toch zekerheid wenst, alleen niet de kosten wil maken voor een hypotheekakte. Een positieve of negatieve hypotheekverklaring kan dan uitkomst bieden.
De bepalingen waaronder de lening worden aangegaan worden vastgelegd in een schuldbekentenis bij de notaris. Tevens wordt in die akte opgenomen dat de schuldenaar, op eerste verzoek van de schuldeiser hypotheek op zijn pand zal vestigen, tot zekerheid voor de nakoming van zijn verplichtingen uit de hypotheek.

 

Pandrecht

Hypotheek is een zekerheidsrecht.
Het geeft de bevoegdheid aan degene ten behoeve van wie hypotheek is gevestigd, de hypotheekhouder de woning openbaar te verkopen.
Pandrecht komt vaak voor in combinatie van een hypotheekrecht.
Ook pandrecht is een zekerheidsrecht.
Ook bij een pandrecht heeft de schuldeiser de bevoegdheid als hij niet betaald wordt, om zijn vordering uit de opbrengst te verhalen.
Het verschil tussen een hypotheekrecht en een pandrecht is dat het hypotheekrecht ziet op een registergoed (grond of een pand of woonhuis).
Pandrecht is een zekerheidsrecht voor andere goederen dan registergoederen. 
Omdat het voor een bank mogelijk niet duidelijk is of zaken die aan een pand vastzitten roerend of onroerend zijn, wordt in elke hypotheekakte tevens een pandrecht gevestigd op de zaken die behoren bij het pand, en daaraan verankerd zijn.

 

Crediteur

De crediteur is de schuldeiser, degene die het geld heeft uitgeleend en aan wie het geld moet worden terugbetaald.

 

Debiteur

De schuldenaar, degene die het geld geleend heeft en die het geld moet terugbetalen

 

Hypotheekhouder

De hypotheekhouder is degene die het recht heeft om het huis te verkopen in een veiling als de lening niet wordt terugbetaald. De hypotheekhouder is de schuldeiser, meestal de bank.
Een ander woord voor hypotheekhouder is hypotheeknemer.

 

Hypotheekgever

De hypotheekgever is degene die het huis in onderpand geeft. Dit is meestal degene die het geld geleend heeft, de schuldenaar, of debiteur.


Derdenhypotheek

Een derdenhypotheek is een hypotheek die gegeven wordt door een ander dan de schuldenaar.
Voorbeeld: de ouders geven hun huis in onderpand (hypotheek) aan de bank, tot zekerheid voor een lening die door hun zoon is aangegaan.

    

Info

Raadhuisstraat 9
5066 AP Moergestel
Telefoon: 013-5286847
Fax: 013-5216511
E-mail: info@grootenvankempen.nl
Postbus 90, 5066 ZH Moergestel

Groot & Van Kempen

Voor snelheid, efficiëntie en een gunstige prijs.

 

Vraag advies aan